Tijdens de Honderdjarige Oorlog (1337-1453) maakte een vrouw zich onsterfelijk. Ze drukte een onuitwisbaar stempel op de geschiedenis van Normandië en Frankrijk.

Frankrijk bevrijden van de Engelsen

In 1337 eiste koning Edward III van Engeland (het Huis Plantagenet) de Franse troon op ten koste van zijn neef Filips VI van Valois (het Huis Capet). Er brak een oorlog uit. Van 1417 tot 1450 bezetten de Engelsen Normandië en een groot deel van het Franse koninkrijk. Maar in 1429 meldde Jeanne d’Arc zich bij Karel VII. Dit meisje van 17 jaar beweerde dat ze ‘van boven’ de opdracht had gekregen om Frankrijk te bevrijden van de Engelse onderdrukking. Jeanne ging de Franse troepen aanvoeren tegen het Engelse leger. Met succes! Ze verjaagde de Engelsen bij Orleans en maakte de weg vrij naar Reims, waar Karel zich tot koning liet kronen.

Statue de Jeanne d'Arc à Bonsecours, près de Rouen
© Pierre Jeanson

Veroordeeld tot de brandstapel in Rouen

Jeanne werd op 23 mei 1430 in Compiègne gevangengenomen door de Bourgondiërs: die leverden haar uit aan de Engelsen. In december van dat jaar werd ze overgebracht naar Rouen op bevel van de kerk. Ze is berecht en ter dood veroordeeld wegens ketterij: in de 15e eeuw mochten vrouwen zich namelijk niet als man verkleden. In 1431 is ze levend verbrand op het place du Vieux-Marché. Bij een tweede proces in 1456 bleek ze toch onschuldig, haar naam is toen gezuiverd.

Karel VII profiteerde van de opleving in de strijd (die in gang was gezet door Jeanne). Hij begon een groot offensief om Normandië, zijn recht op de macht en de Franse troon te heroveren. Deze oorlog eindigde in 1450 in Formigny. In 1469 vernietigde de Franse koning Lodewijk XI de ring van de hertog, in Rouen. Zo kwam er een einde aan het hertogdom Normandië.

  • Toevoegen aan bladwijzer