De verovering van Saint-Lô werd toevertrouwd aan de Amerikanen. Het bleek echter ontzettend moeilijk de stad in te nemen. Na de bombardementen van 6 en 7 juni was het ‘de hoofdstad van de ruïnes’ geworden. Saint-Lô was immers een knooppunt van wegen en sporen. Pas op 18 juli lukte het de stad te bevrijden, na een maand van stagnatie en zeer bloedige gevechten.

Een bloedige episode

De slag om Saint-Lô vormt een van de bloedigste episoden uit de ‘bataille des haies’ (de gevechten tussen de hagen), vlak voor operatie Cobra. De operatie Cobra was de codenaam voor het Amerikaanse offensief van eind juli 1944 om de weg naar Bretagne vrij te maken en door de Duitse verdedigingslinies heen te breken. Maar in de Cotentin dreigde de slag tussen de hagen uit te lopen op een loopgravenoorlog. 

Saint-Lô werd bevrijd op 18 juli: na de bombardementen van 6 en 7 juni en na een maand van stagnatie en zeer bloedige gevechten.

Inname van Avranches

Op 30 juli in de avond namen de Amerikaanse troepen Avranches in. Patton kon met de Amerikaanse Pantserdivisies en met het Franse 2e DB van Leclerc – dat net was aangekomen op Utah Beach – beginnen aan zijn grote doorbraak richting zuiden. Maar de Duitse troepen gaven zich niet over en lanceerden een tegenaanval in de omgeving van Mortain om de Amerikaanse linies te doorbreken. Vanaf het begin was dit offensief echter gedoemd te mislukken: met name omdat er bijna geen luchtsteun was.