Claude Monet zag eruit als een rustige, vriendelijke opa die van tuinieren hield. Maar zijn geest was zeer avontuurlijk!  Hij had een rebelse manier van schilderen. Sprong in één keer met twee benen de moderne tijd in. En zette met zijn vrienden de hele kunstgeschiedenis op zijn kop. Portret van de vader van het impressionisme (1840-1926).

U zegt: spotprenten?

Inderdaad, de jonge Oscar-Claude is begonnen als tekenaar van spotprenten voor kranten! In Le Havre – waar hij woonde – tekende hij karikaturen van de notabelen van de stad, hij gaf ze hele grote hoofden.  Dat trok de aandacht van Eugène Boudin en die stelde hem voor om samen landschappen te gaan schilderen in de natuur. Voor Monet een openbaring: “alsof mijn ogen voor het eerst opengingen,”bekende hij later. Op 19 jaar vertrok hij naar Parijs. Daar begonnen zijn avonturen met Pissarro en Guillaumin, en daarna met Sisley, Bazille en Renoir.

Een lange neus naar de critici

Het begin was moeilijk. Monet werd geweigerd door de officiële Parijse Salon, hij deed daarom in 1874 met een groep kunstenaars mee aan een alternatieve expositie. Over een van zijn doeken Impression, soleil levant (Impressie, opkomende zon), dat later zijn bekendste werk zou worden, schreef kunstcriticus Louis Leroy: “Een schets voor behang  is als werk nog rijper dan dit zeegezicht”, waaraan hij spottend toevoegde:“omdat ik ervan onder de indruk ben, moet er wel een impressie in dit schilderij zitten!”  Zo gaf dit doek zijn naam aan de hele beweging van het impressionisme.

Monet, de reizende kunstenaar

Monet zat in elk geval niet stil! Hij zette zijn schildersezel neer in Parijs, Fontainebleau, Argenteuil, Vetheuil, Honfleur, Rouen, Dieppe, Etretat en Fécamp, daarna ging hij naar de kust van de Middellandse Zee, Londen, Nederland, Oslo en Venetië. Hij timmerde als kunstschilder flink aan de weg en ging mee met zijn tijd. Zo maakte hij regelmatig gebruik van het toen zeer moderne spoor om nieuwe streken te ontdekken. Ook was hij gefascineerd door het Verre Oosten. Hij verzamelde Japanse prenten: die zijn te zien in zijn huis in Giverny, waar hij naartoe verhuisde op zijn 43e.   

Vrienden, aan tafel!

Precies om half twaalf zat Monet altijd tafel. Genieten van het goede leven was voor hem een serieuze zaak. De menulijsten voor de huwelijksfeesten in zijn familie waren zeer indrukwekkend.  De schilder was een levensgenieter en een grote eter. Daarbij was hij graag in goed gezelschap. Pissarro, Sisley, Rodin, Cézanne, Bonnard, Guitry of Clémenceau, het waren trouwe vrienden.

Series maken

Monet legde een bom onder alle kunstregels. De manier waarop de impressionisten schilderen was op zich al revolutionair: in de open lucht, wars van de vaste thema’s van de Franse Kunstacademie. In plaats daarvan schilderden ze onderwerpen uit het dagelijks leven, vol kleur in een sterk persoonlijke stijl. Daar kwam nog bij dat Monet op het idee kwam om series te gaan schilderen. Hij schilderde de Meules (Hooibergen)Peupliers (Populieren) en de Cathédrales de Rouen (Kathedralen van Rouen) op verschillende momenten van de dag en het jaar, maar allemaal op hetzelfde formaat. “Andere kunstenaars schilderen een brug, een huis, een boot, dan zijn ze klaar. Ik wil de lucht schilderen rond de brug, het huis, de boot. De schoonheid van de lucht waarin ze zich bevinden. En dat is in feite onmogelijk.

De moderne Monet 

De waterlelies die Monet in zijn vijvers liet groeien werden een obsessie. Die vastleggen was zijn laatste project: dat deed hij vanaf het begin van de jaren 1890 tot zijn dood in 1926. Hij schilderde ze op 300 doeken, waaronder 40 op groot formaat: speciaal daarvoor moest hij een enorm atelier bouwen in Giverny. In de ovale zalen van het Musée de l’Orangerie (Orangerie Museum) bent u helemaal omringd door de  Nymphéas (Waterlelies): de doeken vormen een kleurrijk en betoverend lint, 100 meter lang, 2 meter hoog. Het lijkt het alsof hij hiermee nog een stap verder gaat dan het impressionisme! En alsof hij de abstracte schilderkunst aankondigt van Joan Mitchell of Sam Francis.

In de voetsporen van Monet 

Om te voelen wat voor levenskunstenaar Monet was, kunt u het beste naar Giverny gaan: u proeft er de unieke sfeer van zijn huis, zijn atelier en zijn tuinen. Ga daarna zeker ook even naar zijn graf, op het kleine kerkhof van Giverny.

Als u wilt begrijpen hoe Monet dacht, keek en voelde, kunt u ook naar de Quai de Southampton in Le Havre waar alles voor hem begon. Ervaar hoe het zonlicht steeds weer verandert op de kathedraal van Rouen. Of zoek een plek onder aan de krijtrotsen van Etretat waar Monet zo door gefascineerd was.

In verschillende musea kunt u de werken van de kunstenaar bewonderen. In Normandië en Parijs zijn heel wat meesterwerken te zien, zoals de zaal van de Nymphéas (Waterlelies) in het Musée de l’Orangerie, het ‘basiswerk’ Impression, soleil levant (Impressie, opkomende zon) in het Musée Marmottan-Monet, de Cathédrales de Rouen (de Kathedralen van Rouen) in het Musée d’Orsay, Effets de soleil couchant à Pourville (Effecten van de ondergaande zon in Pourville) in het Musée de Vernon, Vue générale de Rouen(Zicht op Rouen) in het Musée des Beaux-Arts van Rouen of Le Parlement de Londres (Het Parlementsgebouw van Londen) in het MuMa van Le Havre.

Een dag fietsen in Giverny

Een dag fietsen in Giverny